woensdag 20 december 2017

Afwijzing


Ik houd der niet van.

Niet voor niets wil ik mijn hele leven er al bij horen. Waarbij weet ik dan ook niet precies maar liever niet alleen. Sociaal zijn is zeg maar echt mijn ding. Ik pas me graag aan de ander aan. Maar ben eigenwijs genoeg om dat niet ten koste van mezelf te laten zijn.

Om erbij te horen & afwijzing te voorkomen zou je zeggen dat het handig is om je ook niet al teveel op de voorgrond te stellen. Om niet tegen de stroom in te zwemmen en om jouw mening voor je te houden. Hoewel ik eigenlijk weinig waarde hecht aan meningen (want zeg nou zelf hoe gemakkelijk zijn die bij te stellen?), heb ik er toch blijkbaar vaak eentje en vind ik het ook nodig om deze kenbaar te maken. Dat maakt mij zowel geliefd als gehaat. Afwijzing genoeg gehad in mijn leven.

En toch blijft dat pijn doen.

Ik heb het geprobeerd hoor.. Niet teveel zeggen. Op mijn handen zitten. Mezelf terug trekken. Maar daar ben ik helemaal niet voor gemaakt. Het gaat me bijzonder slecht af en sterker nog; het stompt me af. Het maakt me onverschillig. Ik trok mijn schouders op en liet het aan mij voorbij gaan. Geen betrokkenheid. Geen verbinding.

Ook in mijn ondernemerschap neem ik mezelf voluit mee. Ik reageer alleen op klussen waar ik helemaal voor ga. Ik weet mij op voorhand al te verbinden aan de organisatie, zie mezelf het werk doen en ben ervan overtuigd dat ik de beste ben om de organisatie verder te brengen. En dan onverwachts komt de afwijzing. Als een klap in mijn gezicht.

Dan denk ik terug aan de keren dat ik aan de andere kant van de tafel zat. Iemand afwees die overtuigd was van zijn eigen kunnen. Maar ik vanuit een ander perspectief keek. Met de kennis van de werkvloer en met míjn kijk op de toekomst. Dat ik iedere keer een mooi mens voor mij zag. Met veel kwaliteiten. Waar ik zo een biertje mee zou drinken. Maar niet de juiste match was voor de opdracht die er lag.

Afwijzing en je afgewezen voelen zijn twee verschillende dingen. Zo simpel is het. Maar zal het ooit zo simpel zijn?

Ondernemer of ZZP'er?


Eigenlijk vond ik het altijd gewoon stom als zzp’ers zichzelf ondernemers noemden. Zo’n klein k**bedrijfje groter maken dan wat het is, was mijn oordeel. Maar nu ik er zelf aan moet geloven, zie ik steeds meer in dat het wel degelijk ondernemerschap is. Want het vraagt nogal wat om jezelf omhoog te houden en als het even kan graag meer bereiken dan je lief is.

Mijn leercurve schoot sinds 1 september in 1 rechte lijn omhoog. Dat klinkt leuk, maar is minder makkelijk. Want het is nogal een confrontatie met jezelf. Tot de Dag van de Duurzaamheid (10-10) kon ik me nog enigszins verschuilen achter werkzaamheden voor mijn oude werkgever en vrijwilligerswerk (afmaken wat je begonnen bent) voor de DvdD Apeldoorn. Daarna nog even een vakantietje en al gauw werd het november.

Ik kan goed verkopen. Maar níet mezelf. Das niet handig als je een opdracht wilt scoren… voor jezelf. Ik weet niet goed welke kant ik op wil en daar berust ik mij graag in, maar anderen blijkbaar niet. Anderen die je in het zadel kunnen helpen. Op weg naar goed werk. Waar ik toch wel echt afhankelijk van ben.

Ik loop tegen mijn ongeduld aan. Ik vind het fijn om ruimte te hebben voor mijn proces, maar ik wil wel aan de slag. Nu.

Tegen mijn eigenwijsheid. Je hoeft mij niet vertellen hoe ik het moet doen, maar je mag mij wel adviseren. Dat blijkt iets heeeeeeeeeel anders te zijn als je dierbaren om je heen hebt ;-)

Ik vind het raar dat ik geen heldere taken heb om aan te werken. Soms weet ik niet waarvoor ik mijn bed uit moet springen die dag. Maar ik wil ook juist surfen op de golven van het leven. Om te kijken waar het mij brengt. Die golven blijk je echter niet te kunnen sturen. Vreemd. ;-)

Ik vind alles maar klein geneuzel en denk dat ik toch echt wel voor iets groters in de wieg gelegd ben. Maar zo werkt het niet. En oké, ik geef toe, ook heel arrogant gedacht ja. The word is eruit.

Ik heb nog geen pepernoot verdiend en ik zie allemaal leuke dingen die ik wil doen of wil hebben. Fck. Ben ik dan toch zo materialistisch? En ik hoor steeds vaker mijn moeder aan de keukentafel een pleidooi houden voor onafhankelijk nu mijn bankrekening leeg is.

Maar wat loop ik nou te zeiken? Ik heb ruimte. Ruimte om er meer voor mijn kinderen te zijn. Ruimte om er te zijn voor mensen in mijn omgeving die dat nodig hebben. Ruimte om weer lekker flink te sporten. Ruimte om buitengewoon mooie gesprekken te voeren met mensen die ik ken, beter leer kennen of überhaupt leer kennen. Gesprekken over dingen die er voor mij toe doen. Over contact maken, omzien naar de ander, dna van jouw bedrijf of leiderschap leren kennen, over iets in de markt zetten (de beste stuurlui staan aan wal ;-)), geld verdienen om zelfstandig te zijn en impact te vergroten. Ik krijg de leukste uitnodigingen. Wordt voorgesteld aan mensen en stel mensen aan elkaar voor. Het stroomt.

Het waait maar komt me niet aanwaaien.

Ondernemersbloed



Het ondernemerschap aangaan is iets wat eigenlijk onvermijdelijk was in mijn leven. Mijn ouders zijn samen gaan ondernemen in het sociale domein toen ik een jaar of zestien was. Het liep gewoon zo. Mijn zus is na niet nagekomen beloftes van managers en frustraties over het systeem waarin zij werkte het voor zichzelf gaan doen. Zij deed dat gewoon zo. Mijn andere zus is vanuit praktisch oogpunt voor zichzelf begonnen. Daarin heeft ze heel knap een enorme carrièreswitch gemaakt, omdat dit beter aansloot op haar gezinsleven. Zij is gewoon zo. 

Toevallig of niet zijn die zussen van mij ook nog eens getrouwd met hardwerkende ondernemers. Praktische mannen die hun kans zagen en grepen. En dat deden ze heel goed zo. Toevallig of niet ben ook ik getrouwd met een ondernemer. Eentje met zoveel ondernemersdrang dat het af en toe duizelt. Eentje die buiten de grenzen van Nederland denkt. Eentje waarvoor één onderneming niet voldoende is. Eentje die groots denkt. Dat was altijd zo.

Nu ben ik aan de beurt. De laatste telg van dit systeem. Het heeft even geduurd. Dat is gewoon zo. Omdat ik dacht dat ik samenwerking zou missen als zelfstandige. Iets wat ik uiteindelijk vaker buiten mijn organisatie dan intern vond. Omdat ik het prettig vind om iemand boven mij te hebben staan die mij opdracht geeft. Maar wat ook vaak resulteerde in het beteugelen van het uitslaan van mijn vleugels. Omdat ik niet wist wat voor een business ik op zou zetten en eigenlijk weet ik dat nog steeds niet.

Wat ik wel weet is dat ik ondernemers socialer wil maken en sociale organisaties ondernemender. Omdat ik geloof dat je op deze manier geld kunt verdienen en zelfstandig kunt blijven. Omdat goed werk doen zo’n voldoening en betekenis geeft, dat je er vanuit je tenen blij van wordt. Maar welke proposities daarbij horen en het exacte hoe daar loop ik nu mee te worstelen. Laat mij maar gewoon mijn werk goed doen en ondertussen ook goed doen met mijn werk.